Terwijl FC Surhústerfean zich opmaakt voor de halve finale van de KNVB Beker Noord tegen Frisia, staat er dinsdagavond een bekende naam langs de lijn. Iwan Henstra, inmiddels aanvaller van SC Cambuur en dit seizoen definitief doorgebroken in het betaald voetbal, is er gewoon bij. “Ik probeer zoveel mogelijk wedstrijden te kijken en deze halve finale wil ik absoluut niet missen.”
Het typeert de band die Henstra nog altijd voelt met de club waar zijn voetbalverhaal begon. Tegelijkertijd kijkt hij terug op een seizoen waarin hij zelf grote stappen zette. Al ging dat niet vanzelf. “In het begin had ik het moeilijk bij SC Cambuur en speelde ik niet veel,” vertelt hij. “Het niveau is hoger dan bij Onder 21 en daar moest ik echt aan wennen.”
Toch merkte hij al snel dat er iets begon te groeien. “Hoe meer ik meetrainde, hoe beter het ging. Uiteindelijk mocht ik steeds vaker invallen en kreeg ik meer minuten. Vanaf dat moment werd het voor mij een beter seizoen.” Dat vertrouwen vertaalde zich ook in rendement: vijf doelpunten en twee assists.

Eén moment springt er voor hem duidelijk uit. “Mijn eerste goal tegen Almere City blijft het meest bijzonder. Je eerste goal in je carrière is speciaal. En dat ik het team ook nog kon helpen aan een punt, maakte het helemaal mooi.”
Het seizoen werd voor Henstra vooral een leerproces. “Het was mijn eerste jaar bij de selectie. In het begin is het wennen, maar uiteindelijk denk ik dat ik goed ben meegegaan met het niveau. Ik ben beter geworden aan de bal, maar ook zonder bal.” Als aanvaller leerde hij zich steeds beter staande te houden in het hogere tempo en fysiekere spel.





Het absolute hoogtepunt volgde aan het einde van het seizoen. “Promoveren,” zegt hij zonder twijfel. “Je werkt er een heel seizoen naartoe met z’n allen. Als je dat doel dan haalt, is dat heel speciaal.”
Toch ligt de basis van zijn ontwikkeling bij FC Surhústerfean. Daar leerde hij het voetballen. “Ik heb daar altijd met veel plezier gespeeld. Je leert de basistechniek en het spelinzicht, maar ik mocht ook al op jonge leeftijd met het eerste meedoen. Daardoor ben ik fysieker geworden en heb ik betere keuzes leren maken in het veld. Uiteindelijk ben ik daardoor een completere voetballer geworden.”
Zijn debuut in het eerste elftal staat nog altijd scherp in zijn geheugen gegrift. “Dat was op 5 maart 2022 tegen VVI, een wedstrijd die we met 1-0 wonnen. Ik had wel wat spanning, maar ik was vooral heel blij dat ik mijn debuut mocht maken.”
Dat Surhústerfean nog altijd een belangrijke plek inneemt, blijkt uit alles. “Het blijft speciaal om terug te komen op de plek waar het voor mij allemaal begon. Veel vrienden spelen er nog. Als ik vrij ben, probeer ik hun wedstrijden te kijken, net als die van het eerste.”
Ook de ontwikkeling van de club volgt hij op de voet en daarin ziet hij gelijkenissen met zijn eigen weg. “Bij Surhústerfean krijgen jonge jongens snel de kans in het eerste. Het is een club van hard werken en ze helpen je om beter te worden. Dat heb ik zelf ook zo ervaren. Door hard te blijven werken ben ik uiteindelijk opgevallen bij Cambuur.”



Voor de halve finale tegen L.A.C. ‘’Frisia 1883’’ heeft hij vertrouwen. “Ze hebben laten zien dat ze een goed team zijn en voor elkaar willen vechten. Het wordt geen makkelijke wedstrijd, maar ik hoop natuurlijk dat ze winnen.”
Zijn advies aan de spelers is helder en recht uit het hart. “Geef alles voor elkaar en vergeet niet te genieten. Dit zijn wedstrijden die je niet vaak speelt. Als je dat doet, heb je al laten zien dat je van iedereen kunt winnen, dus dan kan het dinsdag ook.”









