Dit weekend staat de derby vv Zwaagwesteinde tegen Be Quick Dokkum op het programma. De sportparken liggen maar 11,1 kilometer uit elkaar. Op papier een prachtig affiche, waar de beide ploegen elkaar in de competitie nauwelijks ontlopen. We spraken met Niels de Jong (VVZ) en Rudmer Loonstra (Be Quick Dokkum) over deze derby
Voel je extra spanning in de aanloop naar zo’n wedstrijd?
Niels de Jong (VVZ): “Ik voel geen extra spanning in de aanloop naar deze wedstrijd. Ik heb eigenlijk nooit echt spanning voor een wedstrijd, alleen wat gezonde spanning. Ik kijk er altijd naar uit om op zaterdag een lekker potje te voetballen.
Rudmer Loonstra (Be Quick): “Ik speel dit weekend zelf niet, maar normaal gesproken zijn dit wel wedstrijden waar je je voor kunt opladen. Er spelen veel jongens die ik ken of waar ik mee heb gevoetbald, dat maakt het altijd leuke potjes.”
Je speelde in de jeugd bij zowel Be Quick Dokkum als VV Zwaagwesteinde, maar keerde dit seizoen terug naar De Westereen. Wat gaf voor jou de doorslag om terug te komen?
Niels de Jong: “Bij beide teams heb ik voor de start van dit seizoen wedstrijden gekeken en meegedaan met trainingen en oefenwedstrijden. Uiteindelijk was de keuze niet zo moeilijk, ik voel me thuis in De Westereen. Ik ben hier al jaren jeugdtrainer geweest, ook tijdens mijn periode bij Be Quick, en ben altijd betrokken gebleven bij de club. Ik werd vaak geappt door Pieter Santema, de huidige trainer, hoe het ging bij de wedstrijden. Bij Be Quick gebeurde dat veel minder, dat vond ik jammer. Daardoor was de keuze vrij snel gemaakt.”

De afstand tussen de sportparken is slechts 11,1 kilometer, maar de clubs en dorp/stad verschillen behoorlijk. Wat zijn volgens jullie de grootste verschillen?
Niels de Jong: “Het grote verschil zit hem in de persoonlijkheid van een Westereender en een Dokkumer. Een Westereender is direct en draait er niet omheen. Een Dokkumer praat meer, maar zegt uiteindelijk hetzelfde. Dat zie je zowel op als naast het veld terug. In De Westereen is er echt een verbinding tussen team, staf en supporters. We gaan samen de strijd aan op zaterdag. Dat is bij Dokkum anders.”
Rudmer Loonstra: “Het verschil zit vooral in mentaliteit. In dorpen zoals De Westereen worden de mouwen omhoog gedaan en wordt er echt gestreden. Voetballend denk ik dat wij als Dokkum vaardiger zijn aan de bal. Ook naast het voetbal is de omgang anders in een dorp dan in een stad zoals Dokkum.”
Beide ploegen draaien mee in de subtop. Hoe schatten jullie de kansen in en waar denken jullie dat de wedstrijd beslist gaat worden?
Niels de Jong: “Het wordt een spannende wedstrijd die beslist wordt op details. Be Quick heeft in de breedte meer individuele kwaliteit en gaat voor het mooie voetbal. Wij hebben genoeg kwaliteit om mee te gaan in het niveau en zijn in staat om als team 110 procent te geven en als goed collectief te staan. Die inzet kan ons zeker de overwinning bezorgen.
Rudmer Loonstra: “Ik denk dat wij voetballend beter zijn. Als het een fysieke wedstrijd wordt, kunnen we het lastig krijgen. Dat is ook afhankelijk van het strijdplan van de tegenstander. Mijn gevoel zegt dat degene die de eerste goal maakt, de wedstrijd gaat winnen.”
Jullie staan momenteel vijfde en achtste. Kunnen we spreken van een sleutelduel in de subtop?
Rudmer Loonstra: “Op dit moment denk ik dat wij hoger horen te staan. Of Zwaagwesteinde terecht op deze positie staat kan ik lastig beoordelen, maar gezien de huidige situatie kun je zeker spreken van een belangrijk duel.
Voor mensen die jullie nog niet goed kennen: hoe kunnen we jullie als speler omschrijven?
Niels de Jong: “Ik ben een speler die het spel leest. Een echte momentenspeler, met een mooie steekbal in huis. Ik doe veel op intuïtie en sta daardoor vaak op de juiste plek.”
Rudmer Loonstra: “Ik ben een technische, balvaste spits waar je op door kunt voetballen. In de zestien ben ik doelgericht, maar ik heb ook oog voor medespelers als die er beter voor staan. René van der Weij noemde mij altijd meer een 9,5 dan een 9 of een 10.”
Is er tussen deze clubs echt sprake van haat en nijd, of blijft het vooral gezonde rivaliteit?
Niels de Jong: “Er is geen sprake van haat en nijd. Het blijft vooral gezonde rivaliteit, wat een mooie en sportieve wedstrijd moet opleveren.”
Rudmer Loonstra: “Binnen de lijnen is er altijd strijd, maar ik heb niet het gevoel dat er haat en nijd is tussen de clubs. Veel clubs in de regio willen gewoon graag winnen van de ‘stadjes’.”
Merk je dat dit soort wedstrijden meer leeft dan een ‘normale’ competitiewedstrijd?
Rudmer Loonstra: “Ja, zulke wedstrijden leven meer dan reguliere wedstrijden. Ze worden vaak ook goed bezocht door supporters van beide clubs, mits het weer een beetje meezit.”

Je gaat deze derby nu als senior meemaken. Merk je grote verschillen met vroeger, toen je nog in de jeugd speelde?
Niels de Jong: “Die verschillen zijn erg groot. Bij de senioren is er een hele andere voorbereiding. Er staan veel meer supporters en iedereen vindt wat van jou en je team. In de jeugd is het 90 minuten lekker voetballen, bij de senioren is het 90 minuten voetballen voor de drie punten.”
Speelt het voor jou persoonlijk extra mee dat je tegen een club speelt waar je ook een deel van je opleiding hebt gehad?
Niels de Jong: “Dat speelt zeker mee. Voor deze wedstrijd is winst extra belangrijk voor mij. Ik wil een goede wedstrijd laten zien, voor de supporters van VVZ, maar zeker ook richting Be Quick.”
Wat is het doel voor dit seizoen, persoonlijk en met het team?
Rudmer Loonstra: “Met het team is het doel promoveren. Persoonlijk wil ik fit worden en lekker spelen. Ik heb de afgelopen twee à drie jaar veel last gehad van mijn knie en heup, dus ik hoop weer pijnvrij te kunnen spelen en nog een paar jaar door te gaan.”
Wat zou voor jou een geslaagde derby zijn?
Niels de Jong: “Drie punten. Een mooi persoonlijk optreden is leuk, maar de drie punten zijn voor mij veel belangrijker.”
