Patrick Hoving: ‘‘Je moet benoemen wat je ziet, niet wat je vindt’’

Vijf wedstrijden, vijf overwinningen. Patrick Hoving is uitstekend begonnen als hoofdtrainer van SF Deinum. De ambities zijn duidelijk: promoveren. Maar de trainer wil vooral van week tot week werken. Met een helder speelplan, veel positiespel en oog voor detail probeert hij zijn ploeg beter te maken. ”Ik wil elke dag weer verder zijn dan de dagen ervoor.”

Per ongeluk het trainersvak in

Hoving had nooit het plan om trainer te worden. Toen hij stopte met voetballen, had hij er naar eigen zeggen nog geen moment bij stilgestaan. Tot er bij de JO11 een leider nodig was. Omdat hij zelf van voetbal hield, besloot hij het gewoon te proberen. Het beviel niet alleen de kinderen, maar ook hemzelf. Na overleg thuis besloot hij zijn trainerspapieren te halen en te kijken of het trainersvak bij hem paste. ”Per ongeluk eigenlijk”, noemt hij het zelf. Al snel werd duidelijk dat hij liever met senioren werkte. ”Ik wilde de senioren trainen. Daar ligt mijn ervaring ook.”

Hoving speelde zelf jarenlang voetbal en omschrijft zichzelf als een liefhebber. Die betrokkenheid is niet verdwenen nu hij langs de lijn staat. ‘Ik ben sowieso een enorme liefhebber. Ik hou van voetbal. Ik heb bijna twintig seizoenen gevoetbald bij GVAV Rapiditas, L.A.C. ”Frisia 1883” en SF Deinum, obsessief ook. En ik merk dat ik dat als trainer ook ben. Van zaterdag tot zaterdag ben ik met voetbal bezig.”

De trainersopleiding gaf hem structuur. ”Trainer zijn is toch niet hetzelfde als voetballer zijn. Je moet naar het geheel kijken en trainingen voorbereiden. Dat heeft mij wel structuur gegeven als trainer.”

Leren van Martin

Voordat Hoving hoofdtrainer werd, werkte hij bij Deinum samen met Martin Westerhof, de voormalige hoofdtrainer van SF Deinum. Die samenwerking leverde hem meer op dan alleen voetbalinhoudelijke kennis. Hoving ziet zichzelf vooral als iemand die tactisch sterk is en wedstrijden goed kan lezen. Martin vulde hem op een ander vlak aan.

”Ik denk dat Martin en ik elkaar goed konden aanvullen. Ik denk dat ik tactisch best wel sterk ben. Ik kan heel goed wedstrijden lezen. En hij is heel goed in managen. Dat heb ik echt van hem geleerd. Hij kan heel goed een geheel vormen, er echt een team van maken.”

Die ervaring veranderde ook zijn kijk op het trainersvak. ”Dat heeft me toch wel de ogen geopend. Trainer zijn heeft niet alleen puur met voetbal te maken. Het heeft ook met alles eromheen te maken.”

De samenwerking paste bovendien bij zijn band met Deinum. Hoewel Hoving in Groningen werd geboren, voelt hij zich inmiddels thuis in het dorp. ”Als ik hier door het dorp loop, voel ik me echt Deinumer.”

Wat het dorp voor hem bijzonder maakt, zit vooral in het gevoel van saamhorigheid. ”Hier kunnen de kinderen gewoon om negen uur de deur uit gaan en om zes uur thuiskomen. Net als wat je vroeger een beetje had: als de lantaarnpalen aangingen, moest je naar huis. Dat is hier ook zo.”

Ook de betrokkenheid bij de club spreekt hem aan. ”Iedereen is er met elkaar en voor elkaar. We zorgen gezamenlijk voor de club. Dat is heel fijn.”

Slotoffensief - 20261020 DSC09093
Patrick Hoving bij SF Deinum.

Een duidelijk plan en ruimte voor vrijheid

De goede seizoenstart van Deinum komt voor Hoving niet uit de lucht vallen. De ploeg had volgens hem in de periode daarvoor al stappen gezet. Toen hij als hoofdtrainer begon, wilde hij vooral duidelijk maken hoe de ploeg samen wilde voetballen.

”Vanaf de zomer zijn we met een duidelijk plan gekomen. Ik denk dat we de jongens enthousiast hebben gekregen. Voetballen konden ze wel. Nu moeten we ze leren hoe we dat samen met z’n allen gaan doen.”

Daarbij is er ruimte voor eigen initiatief. Hoving wil niet dat spelers alleen maar uitvoeren wat vooraf is bedacht. ”We hebben een duidelijk plan gepresenteerd: hoe we willen spelen, wat we willen en wat de ambitie is. Daarin geven we ze ook vrijheid. Ik denk dat deze groep floreert bij vrijheid.”

Hoving geeft zijn spelers de vrijheid om binnen het speelplan hun eigen keuzes te maken. De vele positiewisselingen passen volgens hem goed bij de kwaliteiten van de groep en vormen een belangrijk onderdeel van de speelwijze.

Zelf is hij graag voorbereid op verschillende wedstrijdscenario’s. Een plan A is voor hem niet genoeg. ”k heb het gevoel dat ik tactisch heel sterk ben. Ik kan heel goed een wedstrijd lezen. Ik heb een plan A voorbereid, een plan B en misschien wel een plan C. Wat als er dit gebeurt? Dan kunnen we altijd schakelen naar een ander plan. We laten niks aan het toeval over.”

”Daarnaast is een goede samenwerking met het tweede elftal ontzettend belangrijk. Jongens hebben wedstrijdminuten nodig om zich te ontwikkelen en stappen te blijven maken. Dat vraagt om goede communicatie, onderling vertrouwen en saamhorigheid tussen beide teams.”

”Voor sommige jongens is het soms een teleurstelling als ze hun minuten bij het tweede elftal moeten maken. Dat begrijp ik, want ik ben zelf ook voetballer geweest. Tegelijkertijd probeer ik ze mee te geven dat teleurstelling geen eindstation is, maar juist een moment waarop je kunt laten zien hoe je ermee omgaat en jezelf verder kunt ontwikkelen.”

”Uiteindelijk hebben we hetzelfde doel: spelers beter maken, elkaar helpen en als club sterker worden. Want we doen het niet alleen voor het eerste of tweede elftal, maar voor SF Deinum als geheel.”

Eerst fit worden, daarna voetballen

Slotoffensief - 302728
Het complex van SF Deinum in beeld. Foto: Dijks Media / Anne Waterlander

Hoving houdt van trainingen waarin de bal centraal staat. Positiespel is een belangrijk onderdeel, maar in de voorbereiding lag de nadruk ook op de fysieke conditie. De eerste zes weken waren volgens hem behoorlijk pittig.

”Ik doe graag positiespel. Ik denk dat wij veel echte voetballers hebben en dat wij gebaat zijn bij positiespel. De eerste zes weken heb ik eerst gebruikt om ze echt fit te krijgen. Ik kan wel zeggen dat ze door een hel zijn gegaan.”

Daar had hij een duidelijke reden voor. ”Ik ben er van overtuigd dat wedstrijden in de vierde klasse in de laatste twintig minuten worden beslist. Daar moet je gewoon fit voor zijn. Als je fit bent en je kunt ook nog voetballen in die laatste twintig minuten, dan beslis je heel veel wedstrijden.”

Ook tijdens het seizoen probeert Hoving de fysieke belasting te combineren met plezier. Soms mogen spelers zelf kiezen tussen sprintwerk en een spelvorm.

„Dan doen ze een warming-up en zeg ik: wat willen jullie doen, sprinten of een spelvorm? Vaak kiezen ze voor de spelvorm. Maar die is vaak zwaarder dan de sprintvorm.”

Dat weten de spelers niet altijd vooraf. Hoving kan erom lachen. ”Dat ga ik niet te hard zeggen natuurlijk. Maar zo probeer ik ook een beetje plezier erin te houden. Een beetje het teamgevoel. Dat is heel belangrijk.”

Slotoffensief - 20261020 DSC09089
Patrick Hoving bij SF Deinum.

De kracht zit in de details

Een trainer moet volgens Hoving niet alleen naar het team als geheel kijken, maar ook naar wat individuele spelers beter kunnen doen. Dat zit lang niet altijd in grote tactische veranderingen. Soms gaat het om kleine handelingen die op het veld een groot verschil maken.

”Voor mijn gevoel zit het vaak in details. Hoe draai ik open? Draai ik naar voren open of draai ik terug? Dat soort dingen. Het zijn details die echt wel het verschil maken. Ik probeer die ook heel snel te herkennen.”

Bij de ene speler ligt het ontwikkelpunt ergens anders dan bij de andere. „Sommigen moeten verbaal bijvoorbeeld meer aanwezig zijn, waardoor ze meer ballen krijgen. Sommigen moeten doorbewegen. Dat soort dingen. Dat zit bij mij in de details.”

Zijn eigen ervaring als voetballer helpt hem daarbij. Hij speelde zelf jarenlang op het niveau en neemt die kennis mee in zijn werk als trainer. Tegelijkertijd blijft hij leren. Hij kijkt geregeld bij andere trainers en wedstrijden. Niet alleen om te zien hoe ploegen spelen, maar ook om te letten op de manier hoe trainers hun werk doen.

Ook buiten zijn eigen ploeg blijft Hoving nieuwsgierig naar het trainersvak. Hij kijkt regelmatig bij andere trainers en let daarbij op hun oefenvormen, warming-ups en de manier waarop ze hun ideeën overbrengen op spelers. Door goed te observeren, doet hij nieuwe inzichten op die hij kan meenemen naar Deinum.

‘’Beelden liegen niet’’

Hoving wil zijn spelers niet alleen vertellen wat er beter moet, maar ze dat ook laten zien. Daarom is hij blij met de aanschaf van een camera. Die is er inmiddels en wordt gebruikt om wedstrijden terug te kijken en situaties te analyseren.

De beelden bieden mogelijkheden om met spelers in gesprek te gaan over hun keuzes. Hoving laat tijdens besprekingen fragmenten zien en stelt vragen. Vaak komen de spelers zelf al met een antwoord.

”Dan laat ik bijvoorbeeld de clipjes zien en zet ik het even op pauze. Dan stel ik een vraag en komen zij vaak al met antwoorden. Ze kunnen allemaal bij de beelden, dus ze kunnen zichzelf ook terugzien.”


De beelden zorgen voor herkenning en maken het makkelijker om wedstrijdsituaties concreet te bespreken. Wel kost de analyse de nodige tijd: Hoving bekijkt de beelden, selecteert relevante fragmenten en neemt die mee. Zijn enthousiasme voor de VEO-camera werkt zelfs thuis door. „Het kost mij mijn relatie bijna”, zegt hij gekscherend.

Slotoffensief - VHD Bedrijfswageninrichting RGB nl 1
www.vhd-bedrijfswageninrichting.nl

Promoveren is het doel

SF Deinum is uitstekend aan het seizoen begonnen en dat stemt Hoving tevreden. Toch schrijft hij het succes niet alleen toe aan de spelersgroep of de technische staf. Volgens hem is het een teamprestatie van de hele club.

”Vijf gespeeld, vijftien punten. Daar kan je alleen maar trots op zijn. Ik denk dat we het als staf en als ploeg doen, maar ook met de mensen binnen Deinum. Iedereen die de club een warm hart toedraagt. We doen het gewoon echt met z’n allen.”

De goede start past bij de ambities van Hoving en Deinum. Promoveren is het doel, bij voorkeur door kampioen te worden. Toch heeft Hoving die ambitie bewust niet als een absolute eis bij zijn spelers neergelegd. ”Wij zijn heel ambitieus. Wij willen eigenlijk gewoon kampioen worden. Maar ik heb het niet zo geformuleerd naar mijn spelersgroep. We willen graag hogerop. Door middel van het kampioenschap of anders via de nacompetitie.”

Voorlopig wil hij vooral voorkomen dat de ploeg te ver vooruitloopt op de resultaten. De competitie is nog lang en de goede start biedt volgens hem geen enkele garantie. ”We hebben nog niks. We proberen gewoon met beide benen op de grond te blijven staan en van zaterdag tot zaterdag te werken.”

Daarom houdt Hoving vast aan de werkwijze die tot nu toe resultaat oplevert. Iedere wedstrijd geeft nieuwe aanknopingspunten voor de trainingen en de volgende wedstrijd. ”Zaterdag hebben we weer gezien wat we dinsdag en donderdag kunnen trainen en wat we zaterdag weer toe kunnen passen. En dat gaat nu goed. Dus waarom zouden we daar dan van afstappen?”

De ambities reiken verder dan alleen dit seizoen. Hoving ziet voor Deinum op termijn een plek in de derde klasse weggelegd, al vraagt dat volgens hem om verdere ontwikkeling, zowel binnen de selectie als bij de club als geheel. ”Ik denk dat wij wel de potentie hebben om een derdeklasser te zijn. Alleen moeten we wel door blijven ontwikkelen.”

Daarbij gaat het niet alleen om wat er op het veld gebeurt. Ook de organisatie rondom het eerste elftal moet meegroeien om op een hoger niveau structureel mee te kunnen. Hoving noemt de begeleiding als voorbeeld. ”Wij hebben bijvoorbeeld nog geen verzorger. Als je naar de derde klasse wil en je wil stabiel worden, dan moet je dat ook gaan regelen. Dat soort dingen heb je wel gewoon nodig.”

Ook nieuwe spelers kunnen in de toekomst een bijdrage leveren, maar voor Hoving staat niet alles in het teken van versterkingen. De identiteit van de vereniging moet behouden blijven. ”Het zou natuurlijk leuk zijn als er een keer één of twee jongens bij komen, maar de cultuur moet je wel bewaken binnen Deinum. Dat is ook belangrijk.” Promoveren is dus het doel, maar Hoving wil tegelijk bouwen aan een club die ook op langere termijn op dat niveau kan functioneren.

Elke dag een beetje beter

Hoving is ambitieus en wil zich blijven ontwikkelen, maar heeft voor zichzelf geen vastomlijnd doel voor over vijf jaar. Hij kijkt liever naar wat hij op korte termijn kan leren.

”Zo ver kijk ik nog niet eigenlijk. Ik heb het nu goed. Ik heb plezier in wat ik doe. Verder dan dat kijk ik nog niet.”

Dat betekent niet dat hij stil wil staan. Integendeel. Hij zoekt contact met andere trainers, kijkt trainingen en wedstrijden terug en probeert zijn eigen werkwijze voortdurend aan te scherpen.

Voorlopig ligt zijn aandacht bij Deinum. De resultaten zijn goed, de ambities zijn uitgesproken en het plan ligt er. Maar voor Hoving begint de volgende stap steeds weer bij de eerstvolgende training en wedstrijd. Niet door alles om te gooien, maar door te blijven kijken, analyseren en verbeteren. Want juist in die details, daar is hij van overtuigd, zit het verschil.

Delen

Website sponsor:
LIMBO International: WordPress specialisten uit hartje Friesland.