Met 125 doelpunten achter zijn naam is Emile Vis al jaren een vertrouwd gezicht bij VV Akkrum. Toch blijft de spits er nuchter onder. Terwijl zijn ploeg onderaan staat in de tweede klasse en vecht voor lijfsbehoud, draait het voor hem nog altijd vooral om het team en het plezier.
“Ik ben begonnen bij Akkrum, in de F’jes,” vertelt Vis. “We hadden echt een leuk team en wonnen zelfs de beker met de E1.” Samen met een groep ploeggenoten maakte hij later de overstap naar VV Heerenveen, toen hun team dreigde uiteen te vallen. “Maar op een gegeven moment wil je toch weer terug. Het reizen is gedoe, maar vooral: die vriendengroep. We wilden gewoon samen blijven voetballen. Sindsdien zijn we ook niet meer weggegaan.”
Op zijn negentiende maakte hij zijn debuut in het eerste elftal, uit bij Udiros. “Je hebt dan een soort jonge bravoure, je hebt niks te verliezen. Dat gevoel had ik toen ook wel.” Het werd meteen een wedstrijd om nooit te vergeten. “Ik scoorde twee keer, dat maakt zo’n debuut wel extra mooi.”

In de jaren daarna groeide Vis uit tot een belangrijke schakel in het elftal. Akkrum draaide lange tijd bovenin mee in de derde klasse, maar greep telkens net naast promotie. “We zaten er steeds dichtbij, maar misten elke keer dat laatste stapje. Daarom was het kampioenschap vorig jaar zo mooi, en dat in het jubileumjaar! Alsof het zo moest zijn.” Zelf droeg hij flink bij met meer dan twintig doelpunten, maar daar is hij niet zo mee bezig. “Ik scoor liever niet en dat we winnen, dan andersom. Het is leuk dat je genoemd wordt, maar het is geen doel op zich.”
Dat het dit seizoen een stuk lastiger is, merkt hij elke week. Akkrum staat laatste in de tweede klasse en moet wennen aan het niveau. “Het grootste verschil is de efficiëntie. Wij kunnen goed voetballen, maar zij zijn fysiek sterk en spelen veel de lange bal. Daar zijn ze echt goed in.” Ook zijn eigen rol veranderde door een systeemwijziging. “Vorig seizoen stond ik vaak in de zestien en kwam ik veel tot scoren. Nu spelen we 5-3-2 en moet ik meer meedoen in de opbouw, vaak ver van de goal. Dan kom je automatisch minder in kansrijke posities.”

Toch heeft hij vertrouwen dat het nog kan kantelen. Komende zondag wacht een cruciale wedstrijd tegen Steenwijkerwold. “Dat is echt een alles-of-niets wedstrijd. Win je, dan haak je weer aan en blijft directe degradatie misschien uit. Maar we moeten wel goed beginnen, dat ging vorige week mis.” Dat het vaak net niet lukt, frustreert soms. “We zijn vaak dichtbij. Dan krijgen wij drie kansen en maken we ze niet, en zij scoren uit één kans. Dat is deels pech, maar ook wennen aan dit niveau.”
Ondanks zijn doelpuntenaantal, hij staat tweede op de topscorerslijst aller tijden van de club, heeft Vis nooit serieus overwogen om te vertrekken. “Ik zit nu echt in een fantastisch vriendenteam. Ik beschouw elke speler als een vriend. Dat ga je toch niet zomaar opgeven om ergens anders te spelen.” Zelfs als de kans zich zou voordoen, is de keuze duidelijk. “Ik zou altijd voor Akkrum kiezen.”

Dat typeert hem misschien wel het meest: een clubman pur sang. “Je voelt wel trots. Het is een dorpsclub, maar alles is goed geregeld en er zijn veel vrijwilligers die zich inzetten. Dan is het mooi dat je hier al zo lang speelt.” De verbondenheid binnen het team speelt daarin een grote rol. “Het zijn allemaal jongens uit het dorp en omstreken. Je voetbalt samen, maar daarna drink je ook een biertje. Dat maakt het bijzonder.”
In het jubileumjaar van de club, de club bestaat 100 jaar, heeft Vis dan ook een duidelijk doel voor ogen. “Het belangrijkste is dat we directe degradatie vermijden. Dat zou voor ons echt het mooiste zijn.” En die 154 goals van de clubtopscorer? Vis glimlacht. “Het zou mooi zijn om die ooit te halen, maar dat is voor later. Eerst dit seizoen goed afsluiten.”








